Toerisme in Marokko – een kwestie van perspectief

Toerisme in Marokko – een kwestie van perspectief

26 januari 2019 4 Door Vera

In het halfjaar dat we nu onderweg zijn, wisselen we klimmen en reizen continu af. We hangen de toerist uit, maar onze route loopt van rots naar rots. We ontdekten al eerder dat dit niet dé manier is om beter te leren klimmen. Dan hadden we beter een half jaar in Spanje, of in de Alpen kunnen blijven. Maar voor ons is de afwisseling perfect. Het klimmen is een mooi excuus om te reizen en andersom. In Marokko voelen we ons soms meer reiziger dan klimmer, ook door de vele andere rondtrekkende reizigers. Tegelijkertijd verbazen we ons meer dan ooit over de werking van het toerisme en bijbehorende industrie. Hierbij een klein inkijkje.

Marokko blijkt een land van uitersten. Een land waar het verschil tussen vruchtbaarheid en extreme droogte het landschap en het leven bepaalt. Waar armoede en rijkdom dicht naast elkaar bestaan, soms nauwelijks herkenbaar voor ons als buitenstaanders. En waar de impact van toerisme op sommige plekken enorm is, terwijl andere plekken bijna niet worden bezocht. Touringcars en SUV’s met chauffeurs rijden af en aan, omdat iedereen die ene bijzondere waterval, rotspartij of zandbak móét zien. Er wordt veel geld verdiend, door sommigen. Maar velen proberen tevergeefs mee te profiteren van het toerisme: het aantal verlaten hotels en ‘niets-verkopende verkopers’ is eindeloos. Een drukte van honderden bezoekers op de ene plek, kan twee kilometer verderop plaatsmaken voor complete verlatenheid of enkel het leven van oorspronkelijke bewoners.

Zo verbaasden we ons over de prachtige oase bij de waterbron van de Todra Gorge. De mensen zijn er druk met het oogsten van groente, het regelen van de waterstroom van de irrigatiekanalen en het afzagen van oude palmbladeren. Zij lijken zich niet druk te maken om de stroom van toeristenbussen en tapijtverkopers verderop in de gorge. In alle rust slenteren we over de zanderige paden. We verwonderen ons over de hoeveelheid groen in het verder zo droge gebied. Opeens krijgt het begrip ‘oase’ vorm. Maar het meest van alles blijven we ons verwonderen over de bizarre werking van de grootse toeristische trekpleisters. Hoe iedereen hetzelfde wil zien en dat maar enkelen hiervan lijken te profiteren…

De magische zee van zand
“Dik ingepakt en met onze hoofdlampen aan stappen we het donker in. We hebben het voordeel van een huis op wielen goed benut en staan direct naast de beroemde zandduinen van Erg Chebbi. Op zoek naar een nieuwe omgeving, reden we vanuit Tinghir richting het oosten om de ‘magische zonsopkomst in de eindeloze zee van zand’ te bewonderen. Gisteravond hebben we een geschikte, hoge duin uitgezocht, maar in het donker blijken de afstanden lastig in te schatten. Na flink wat stijgen en dalen  komt het kenmerkende silhouet van onze duintop gelukkig weer in zicht. De laatste steile meters leg ik op handen en voeten af, vol verwachting over de immense zee van vergelijkbare duinen die voor ons zal liggen.


Of toch niet. Helaas.


Beneden ons liggen een hoop heuvels, maar vanaf onze hoge duin lijken het meer ribbels in het landschap dan echte duinen. In drie richtingen kijken we het duingebied alweer uit en zien we het droge, stenige landschap dat kenmerkend is voor de regio. Tussen de kleine heuveltjes onder ons zien we meerdere grote tentenkamp. Als de zon na een halfuur bibberen opkomt, loopt een tiental medetoeristen beneden een heuvel op om tegelijk met ons de zonsopkomst te bewonderen. Betere timing. Onze grote duin sluit hun wereld af van de buitenwereld. Enigszins teleurgesteld beseffen we dat zij zich waarschijnlijk inderdaad in een eindeloze zee van zand wanen, zeker na een kamelentocht van een uur of twee.


Het vroege zonlicht op de duinen is alsnog prachtig en we genieten van de warme stralen en het uitzicht. Maar de magie van ‘de eindeloze hoeveelheid zand’ blijkt een illusie. Of in ieder geval een kwestie van de juiste plek, het juiste perspectief en een gezonde portie goedgelovigheid. Niks mis mee, het maakt de ervaring waarschijnlijk magischer dan die van ons.”