Een hoofd vol gedachten

Een hoofd vol gedachten

5 april 2016 0 Door Vera

In de periode voor mijn vertrek hoorde ik regelmatig dat mensen onder de indruk waren van mijn plannen. Dat het toch wel even iets anders was dan een ‘standaard Zuidoost Azië-reis’. Sommigen maakten zich lichtelijk zorgen omdat ik naar een ‘oorlogsgebied’ zou gaan. Ik werd gewaarschuwd dat mijn verblijf in Mardin nog wel eens een heftige ervaring zou kunnen worden. En dat het alleen al daarom goed zou zijn om mijn ervaringen op te schrijven en contact te houden met Nederland.

Nu ik hier ruim vijf weken ben, lijkt het grootste deel van deze reacties behoorlijk onterecht. Mijn leven hier voelt absoluut niet bijzonder, risicovol, of bewonderenswaardig. Eigenlijk is het nauwelijks anders dan mijn leven in Utrecht. Ik geef circusles, ik studeer, en ik heb gezellige avonden met huisgenoten. En vooruit, ik geef les zonder woorden, ben voor mijn interviews afhankelijk van een tolk, studeer op één van de vele dakterrassen van Mardin en mijn regelmatig wisselende huisgenoten spreken een gevarieerde verzameling talen. Maar toch.  

Van de conflicten in Syrië en Irak, en de strijd in Turkije krijg ik hier relatief weinig mee. Ik hoor de verhalen en voormalige woonplaatsen worden vol trots getoond op Google Maps. Bij een politieactie of aanslag in één van de omringende Turkse steden wordt het nieuws even besproken. Ik voel de onzekerheid van velen over zowel de nabije als de verdere toekomst en het doet me pijn dat ik daar niets aan kan veranderen. Maar het leven gaat hier door. Bovendien zie ik vooral de lachende gezichten in Sirkhane en hoor ik, mede vanwege de taalbarrière, weinig over alle zorgen die er thuis ongetwijfeld zijn. Met andere woorden; Ik hoor genoeg om me bewust te zijn van wat er speelt, maar niet zoveel dat ik er door wordt overweldigd.

De impact van een ander soort ervaring had ik echter onderschat.

Ik ben hier voor mijn scriptie. Twee maanden observeren, vragenlijsten afnemen en interviews doen. Dan weer naar huis en een scriptie erover schrijven. En hopelijk een mooie ervaring rijker, daar zou het bij blijven.

Maar inmiddels heb ik wel door dat dit verblijf meer met me doet. De lessen zijn vol met kleine en grote succesmomenten en ik kom na afloop steeds vaker stralend naar buiten. De kinderen en jongeren zijn belangrijk voor me geworden en het enthousiaste “Vera, Vera!” tijdens de lessen en in de straten van Mardin raakt me. De interviews daarentegen zijn ongelofelijk lastig. Door de afhankelijkheid van een tolk voelen de gesprekken geforceerd en onnatuurlijk. Het is lastig om de juiste vragen te stellen en verder te komen dan “het maakt me blij” en “het is goed voor me”. Op sommige momenten zie ik dit als een uitdaging, om te leren en te verbeteren. Op andere momenten overheerst de frustratie en de druk om een fatsoenlijke scriptie te schrijven. Zeker omdat er binnen de universiteit zo veel moeite is gedaan om mijn verblijf hier mogelijk te maken.

Ik wist ik al langer dat mijn hart niet bij onderzoek ligt, en dat is bij deze nog eens bevestigd. Wel ben ik onder de indruk van het hele gebeuren hier. Dit alles bij elkaar heeft mijn hoofd de afgelopen weken wat in de war geschopt, maar ik denk op een positieve manier.

Ik ben enorm geïnspireerd. Geïnspireerd door de organisatie, door de mensen, door het werken met de kinderen met hun leergierigheid en enthousiasme. En er gaan werelden voor me open. Ik had bijvoorbeeld nooit bedacht dat het opstarten van je eigen NGO tot de toekomstmogelijkheden behoorde. Of dat mijn toekomstige diploma als orthopedagoog wellicht nog nuttig kan zijn bij een gesubsidieerd circusproject. En hoewel de eeuwige twijfelaar in mij al in de stress schiet bij het horen van nog meer opties voor de toekomst, ziet de niet te stuiten enthousiasteling geweldige mogelijkheden. Momenteel leidt dit alles vooral tot een brei van onnavolgbare gedachten, maar ik ga mijn best doen om deze ervaringen vast te houden. Wie weet waar het in de toekomst tot leidt…